Huidige situatie in Roemenië:                                                                                                        kaart Roemenië


Sinds 1 januari 2007 mag dit land zich rekenen tot een van de EU landen. Daar heeft Roemenië wel iets voor moeten doen.

Allereerst moesten de grote doorgaande wegen worden verbeterd. Dit is gelukt. De economie trekt aan. Steeds meer buitenlanders investeren in dit land en bouwen daar hun nieuwe bedrijven op. En toch is de situatie nog steeds niet rooskleurig. De kloof tussen de armen en de rijken wordt steeds groter. Nog steeds leeft 48% van de Roemenen onder de armoedegrens. Dag in dag uit hard werken en dan nog niet voldoende verdienen om je huur, hout voor de kachel, eten, drinken en kleding te kunnen bekostigen. Voor veel gezinnen is dat nog steeds de realiteit van alledag. De stiefkinderen van de regering zijn heel duidelijk de gezondheidszorg en het onderwijs. Weliswaar is het basisonderwijs gratis, maar het lesmateriaal moeten de ouders zelf betalen en dat is veelal een probleem. Waardoor in veel arme gezinnen vaak slechts enkele kinderen naar school kunnen gaan. Verder is de werkloosheid groot en voor de meeste jeugd is er geen plaats op de arbeidsmarkt. Zij missen vaak de middelen om een baan te “kopen”. Bovendien zijn er zeer veel ronselaars die de jeugd lokt, met mooie verhalen, om in het buitenland te komen werken.

De bevolking van veel plattelandsdorpen bestaat daardoor uit kleine kinderen en ouderen. De jeugd, die in het buitenland werkt onderhoudt vaak financieel het gezin in Roemenië. Sommigen komen, na “een kapitaal”verdiend te hebben in het buitenland, weer terug. Er zijn dan meer kansen voor hen om aan de slag te komen, hetzij bij een bedrijf, of ze zetten zelf een bedrijfje op. De gezondheidszorg worstelt met gigantische financiële problemen, elk jaar is het budget, die de regering voor deze sector uit trekt verkleind. Alhoewel ook hier particuliere klinieken ontstaan en de medici zich verrijkt. Medische zorg en medicijnen blijven erg duur en zijn voor veel mensen niet te betalen. Ook heeft de EU bedongen dat de kindertehuizen moesten verminderen, daardoor zijn veel kinderen in een gezin geplaatst of alsnog op straat beland. Er is nauwelijks tot geen controle in de pleeggezinnen. Daarnaast zijn er gewoon kinderen afgevoerd naar…..het buitenland. Dus of dat nu echt een verbetering is geweest, blijft een vraag. Maar een van de moeilijkste sectoren in de gezondheidszorg zijn toch wel de gehandicapten.

Vroeger en ook nu nog worden deze mensen in staatsinrichtingen opgevangen, waar wij niet graag een kijkje willen nemen. Helaas kom je nog veel te vaak situaties tegen zoals hier boven al stonden beschreven en veel kinderen worden nog steeds verwaarloosd. Maar gelukkig zijn er ook steeds meer particuliere initiatieven om voor deze mensen een beter bestaan te realiseren. Veelal zijn dat ouders, die zelf een gehandicapt kind hebben.

Een veel gestelde vraag is deze:

”Is hulp voor Roemenië nog nodig, nu zij bij de EU zijn gekomen?”

Als u het bovenstaand stukje heeft gelezen, lijkt ons het antwoord niet zo moeilijk.